Prikkelende reflectieve vragen na een flitsbezoek

Een flitsbezoek is niet compleet zonder reflectieve vraag na het bezoek.
Daar zit juist de kracht. Door die vraag werk je samen aan het versterken van het onderwijs. De vraag hoeft niet ter plekke beantwoord te worden, maar is bedoeld om de leerkracht te laten nadenken over de gemaakte afwegingen, beslissingen en uitvoering rondom de les of activiteit.

Je stelt enkel een reflectieve vraag als je een positief lesbezoek hebt gehad. De vraag gaat niet over een moment tijdens de les, maar juist over een overkoepelend thema. Het is daarbij wel belangrijk dat dit thema te zien was tijdens de les.

Je kan deze thema’s onderverdelen in 5 categorieën.

  • Activiteiten van de leerlingen: wat doen de leerlingen tijdens de les. Doen ze wat ze moeten doen?
  • Keuze van het leerdoel: passen de activiteiten bij het leerdoel en is het leerdoel passend bij de ontwikkeling van de leerlingen?
  • Interventies en beslissingen van de leerkracht:  welke keuzes maakt de leerkracht tijdens de les en in de voorbereiding?
  • Leeromgeving: draagt de inrichting van de klas en de wanden bij aan een uitdagende leeromgeving.
  • Risico’s rondom (sociale) veiligheid: is er sprake van een veilig klimaat of zijn er zaken die aangepakt moeten worden?

Je hebt het dus niet over die ene leuke werkvorm, maar bijvoorbeeld wel over leerlingen activeren tijdens het leren. Je stelt geen vraag over deze specifieke instructie, maar bijvoorbeeld wel over het gebruik van materiaal ter ondersteuning van de uitleg.

Een sterke reflectieve vraag bevat altijd deze elementen:

  • De vraag gaat over de situatie van de leerkracht: de lessen of de voorbereiding hiervan
  • Reflectie op de lespraktijk staat bovenaan
  • De overwegingen van de leerkracht;  welke alternatieven waren er
  • Beslissingen van de leerkracht: wat maakte deze keuze de beste?
  • De impact op de leerlingen

Het doel van een reflectieve vraag en dan met name punt 3 en 4 dragen bij aan de professionaliteit van de leerkracht. Omdat het gaat om grotere thema’s en niet om deze specifieke situatie, is het goed om een aantal flitsbezoeken te doen voordat je een reflectieve vraag stelt.
Een dergelijke vraag is altijd neutraal en zonder aannames geformuleerd. De vraag gaat uit van een positieve insteek en zorgt voor het vergroten van de comfortzone van de leerkracht.

Een aantal concrete voorbeelden:

  • Als je de lesactiviteiten kiest, hoe bepaal je dan welke het meest passen bij het lesdoel?
  • Als je een les plant, welke overwegingen maak je dan, zodat de meeste leerlingen actief betrokken blijven?
  • Als je leerlingen aanspreekt op ongewenst gedrag, welke afweging maak je dan waarop je de wijze van aanspreken baseert?
  • Welke overwegingen maak je tijdens een instructiemoment om te zorgen voor zoveel mogelijk leerwinst
  • Als je materiaal uitstalt in de themahoek, hoe beslis je dan welk materiaal bovenop de kast komt te liggen?